Het is vandaag exact 5 jaar geleden dat gebouwencomplex Rana Plaza in Bangladesh instortte. Het complex huisvestte vijf kledingfabrieken die kleding produceerden voor onder andere C&A, Mango, Benetton, Primark en Zara. Rana Plaza staat bekend als de grootste ramp in de geschiedenis van de kledingindustrie. Het kostte de levens van 1.138 mensen. Bovendien raakten nog eens ruim 2.500 mensen gewond.

 

De mensen die hier werkten, hebben een veel te hoge prijs moeten betalen. Simpelweg omdat wij graag voor een duppie op de eerste rang willen zitten als het gaat om hippe kleding. Hoewel de prijs veel te hoog was, was het wel een enorme eye-opener voor de modewereld. Ineens werd zichtbaar onder welke erbarmelijke omstandigheden veel van onze kleding gemaakt wordt. Onveilige fabrieken, belachelijk lage lonen en verschrikkelijk lange werkdagen. Het is eerder regel dan uitzondering in veel kledingfabrieken. Als antwoord daarop is de Fashion Revolution ontstaan.

Fashion Revolution is een wereldwijde beweging die de mode industrie uitdaagt om meer transparantie te bieden en met eerlijke werkomstandigheden en duurzame productieprocessen aan de slag te gaan. Of zoals ze zelf zeggen:

We want to unite the fashion industry and ignite a revolution to radically change the way our clothes are sourced, produced and purchased, so that what the world wears has been made in a safe, clean and fair way.

 

Wie heeft jouw kleding gemaakt?

Eén van de bekendste en meest succesvolle campagnes van Fashion Revolution is #whomademyclothes. Het idee is simpel: vraag jouw favoriete merk via social media wie jouw kleren heeft gemaakt en gebruik de campagne-hashtag #whomademyclothes. Als we dat met z’n allen tegelijk doen, móet een merk natuurlijk wel reageren. Zo wil Fashion Revolution merken dwingen om transparanter te zijn. En met transparantie komt hopelijk ook de motivatie om wat aan arbeidsomstandigheden te doen.

In 2017 hebben meer dan 100.000 mensen deze vraag via social media gesteld. En met effect: 2.416 merken hebben gereageerd op deze oproep en hebben informatie over hun supply chain gedeeld. Maar ook producenten, boeren, fabrieken en kleermakers die onderdeel zijn van deze supply chain zijn zichtbaarder geworden door de inspanningen van de Fashion Revolution. Meer dan 3.600 producenten hebben vorig jaar bijvoorbeeld geantwoord met #imadeyourclothes.

 

#whomademyclothes _ imadeyourclothes
I made your clothes (© Fashion Revolution)

Dagboek van een textielwerker

Bekendheid aan en zichtbaarheid van de (werk)omstandigheden in de kledingindustrie is belangrijk. Maar er moet natuurlijk nog veel meer gebeuren om de modewereld te veranderen. Het begin is er. Sinds de start van de Fashion Revolution 5 jaar geleden zijn er zeker al een aantal verbeteringen doorgevoerd. Honderden fabrieksgebouwen in Bangladesh zijn sindsdien geïnspecteerd en aangepast, waardoor het nu veiligere werkplekken zijn. Minimumlonen voor textielwerkers in landen als Cambodja en Bangladesh zijn gestegen. En veel merken zijn bezig om het gebruik van giftige chemicaliën te minimaliseren. Sterker nog: zo’n 70 merken hebben een plan om voor 2020 helemaal te ‘detoxen’.

Daarmee zijn we er helaas nog lang niet. Want ook al is er vooruitgang geboekt, misstanden zijn nog steeds aan de orde van de dag. Dit blijkt onder andere uit het onderzoek ‘Garment worker diaries’ dat onlangs gepubliceerd is. Voor dit onderzoek zijn 540 textielwerkers uit Cambodja, Bangladesh en India een jaar lang gevolgd. Elke week werd in kaart gebracht wat zij verdienden en uitgaven, hoe zij hun tijd besteedden en in welke condities zij werkten.

 

Slecht betaald en slecht behandeld

De textielwerkers in Bangladesh worden het meest uitgebuit en hebben de slechtste omstandigheden. Gemiddeld moeten zij 60 uur per week werken tegen een uurtarief van 28 taka dat vergelijkbaar is met de koopkracht van 0,95 Amerikaanse dollar. En hoewel de Bengaalse overheid het officiële minimumloon dus verhoogd heeft, werkt nog altijd 64% voor minder dan dit minimumniveau.

In Cambodja werken mensen in een kledingfabriek gemiddeld 48 uur per week. Het uurtarief ligt daar iets hoger: ze verdienen het koopkracht-equivalent van $ 2,53 per uur. Ondanks dat dit gelijk is aan het minimumloon, komen veel textielwerkers daar nog steeds financieel te kort. Zo erg dat dit regelmatig leidt tot beperkte toegang tot eten en gezondheidszorg.

De textielwerkers in India komen er relatief nog het beste vanaf – met de nadruk op relatief. Zij krijgen doorgaans het wettelijk minimumloon of zelfs iets meer. Voor de 46 uur die zij gemiddeld werken, ontvangen zij dan een uurtarief met het koopkracht-equivalent van $ 2,27. Maar hoewel ze beter beloond worden, worden ze slechter behandeld. Zo worden ze vaak blootgesteld aan verbaal geweld van hun leidinggevenden.

 

Fashion Revolution Week

Redenen genoeg om aandacht te blijven vragen voor de omstandigheden in de modeindustrie. Vandaag was dan ook de aftrap van de 4e Fashion Revolution Week. Deze week staat wereldwijd in het teken van eerlijk (en oneerlijke) mode. Ook in Nederland worden er deze week verschillende evenementen georganiseerd. Via deze link vind je een overzicht van deze events. Er staan superinteressante bijeenkomsten tussen die je zeker meer inzicht gaan geven in de kledingindustrie.

En je kunt natuurlijk zelf ook aandacht vragen voor de omstandigheden in de modewereld. Simpelweg door deze week de vraag te stellen:

Wie heeft mijn kleren gemaakt? #whomademyclothes

 

3 thoughts on “#whomademyclothes – Fashion Revolution Week”

  1. Ik vind dit zo’n goeie actie! Ik ben zelf ook niet heilig, als in dat ik ook weleens bij de Zara een item koop. Maar ik probeer wel steeds meer tweedehands en duurzaam te kopen. Ik ga ook eens een foto plaatsen om aan hen te vragen ‘Who made my clothes’. Goed stuk! 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *